Dichter Menno Wigman overleden

  • 0

In de ochtend van 1 februari is de Nederlandse dichter Menno Wigman op 51-jarige leeftijd in het VU Medisch Centrum in Amsterdam aan de gevolgen van een hartziekte overleden. Dit heeft zijn uitgeverij, Prometheus, donderdag bekendgemaakt.

Menno Wigman debuteerde in 1997 met de veelgeprezen dichtbundel ’s Zomers stinken alle steden. Ook zijn volgende bundels, Zwart als kaviaar (2001), Dit is mijn dag (2004), De wereld bij avond (2006), Mijn naam is legioen (2012) en Slordig met geluk (2016) werden zowel door de literaire kritiek als door het publiek enthousiast ontvangen. Zwart als kaviaar werd bekroond met de Jan Campert-prijs en in 2015 werd zijn oeuvre bekroond met de A. Roland Holstprijs. De dag voor zijn dood werd bekendgemaakt dat zijn laatste bundel, Slordig met geluk, genomineerd was voor de Ida Gerhardt Poëzieprijs. Het nieuws van deze nominatie heeft Menno Wigman nog bereikt.

In 2014 werd bij Menno Wigman een hartkwaal ontdekt. Onverwachts belandde hij op de intensive care. Over deze confrontatie met zijn eigen sterfelijkheid heeft hij in de bundel Slordig met geluk (2016) openhartig geschreven.

AFSCHEID VAN MIJN LICHAAM

Waarom, mijn lichaam, was je mij zo weinig waard?
Waarom bleef ik zo koppig tronen in mijn hoofd
en woonde ik mezelf zo hevig uit?

O ja, ik hield van wijn, van zwaar doorrookte feesten,
lucide kaders en oneindig gulle lakens.
Zo leefde ik verlicht mijn tijd aan stukken.

Nu lig ik op een zaal, mijn hart, die logge spier,
verlaat me, laf als een gedicht laat het me staan
en voor het eind van deze avond zakt de dood
mijn longen in.

De zon was mij nooit opgevallen als hij niet
steeds onderging. Geen lucht, geen flonkering, geen hoop.
Waarom, mijn lichaam, heb ik nooit in je geloofd?

Menno Wigman, Slordig met geluk. Amsterdam: Prometheus, 2016.

Naast poëzie publiceerde Menno Wigman bloemlezingen, vertalingen, een keuze uit eigen werk (De droefenis van copyrettes, 2009), een essaybundel (Red ons van de dichters, 2010) en een autobiografisch boek, Het gesticht (2006), over zijn tijd als poet in residence in de Willem Arntsz Hoeve in Den Dolder. Zijn werk is vertaald in onder meer het Engels, Frans en Duits.

Menno Wigman leefde voor de poëzie. Hij schreef over liefde en vergankelijkheid, en was een perfectionist die een gedicht pas uit handen gaf als het ritmisch en inhoudelijk helemaal klopte. (Het feit dat hij naast dichter ook drummer was, verloochende zich niet.) Zijn poëzie – vormvast en melancholiek – leek bedrieglijk eenvoudig en toegankelijk, en dat verklaart waarschijnlijk waarom zo veel lezers zich erdoor aangesproken voelden. Ook was hij een graag geziene gast op literaire festivals. In de jaren 2012-2014 was hij Stadsdichter van Amsterdam.

Sinds het nieuws van zijn overlijden bekend werd, hebben veel collega-dichters via blogs en sociale media hun ontzetting over dit bericht uitgesproken. “Dag lieve, moeilijke Menno Wigman. ‘Wat is het alles tezamen nu nog geweest?’ Heel veel, zo veel”, twitterde Vrouwkje Tuinman bijvoorbeeld. En uitgever Oscar van Gelderen: “Genoeg. Genoeg. Nu geen gedichten meer. /De dag is als een dag, en dat is dat.”

Buro: IG
  • 0
Top