Bedrijvigheid in de Noordzee

  • 0

Amper 67 km lang is de Belgische kustlijn. Grotendeels volgebouwd trouwens. Maar wie die gruwelijke skyline de rug toekeert kijkt naar een stukje Noordzee vol bedrijvigheid. De ene al wat meer zichtbaar dan de andere. 

Vlaanderen kent een kustlijn van – men zegge en schrijve – 67 km, een diagonale strook die loopt van de grens met Frankrijk tot die met Nederland. Goed voor 10 kustgemeenten en een al bij al bescheiden stad, Oostende. Beide uiteinden worden zelfs via een tramlijn verbonden, weliswaar de langste van het land. Door de internationale regel die voorschrijft dat territoriale wateren zich tot 12 zeemijl in zee uitstrekken, heeft België rechten – rekening houdend met wat correctieven  – op een gebied van 1.440 km2 groot. Een rechthoek die meer dan één tiende van het Vlaamse grondgebied beslaat. Deze al bij al erg bescheiden kustlijn verbleekt in het licht van waar Nederland of Zuid-Afrika, respectievelijk meer dan 500 en 3.000 km, mee kunnen pronken. Toch gonst het van de bedrijvigheid in dit stuk Noordzee. Enkele recente voorbeelden.

UB29

De UB29 werd zopas tot erfgoed verklaard. Nooit eerder werd een gezonken duikboot uit de eerste wereldoorlog zo intact terug gevonden.

Zopas besloot de bevoegde Staatssecretaris voor de Noordzee Philippe De Backer de UB29 te erkennen, een gezonken Duitse duikboot uit de eerste wereldoorlog. Hij werd in 2017 toevallig ontdekt door een onderwaterarcheoloog. “De Duitse duikboot is uniek, aangezien er nooit eerder een duikboot uit WO I werd teruggevonden die zo intact is”, verklaarde De Backer. “Hoewel de boot een eeuw op de bodem van de zee lag, is hij verbazingwekkend goed bewaard.” Er zijn nog wel wat andere schepen als erfgoed erkend. Zelfs eentje uit de 18de eeuw, 't Vliegent Hart, een handelsschip van de Verenigde Oost-Indische Compagnie dat in 1735 het zeemansgraf werd voor 175 opvarenden.

Oude beschaving

Men kan echter nog dieper de geschiedenis induiken, veel dieper... Deze maand vond voor het eerst een expeditie plaats op enkele tientallen kilometers van de kust in de hoop nederzettingen van duizenden jaren oud te vinden. Men kan het zich maar moeilijk voorstellen vandaag, maar tussen de 8 à 10.000 jaar geleden, op het einde van de laatste ijstijd voor de liefhebbers, was het zogenaamde Doggerland, een uitgestrekt gebied tussen Europa en Groot-Brittannië vruchtbaar land. Professor Vincent Gaffney, Landschapsarcheoloog van de Britse Universiteit van Bradford, leidt het Belgisch-Britse team. “Mensen denken dat het leven voor jagers-verzamelaars in die periode brutaal en kort was”, verklaarde hij in De Standaard. “Dat ze constant rondtrokken en enkel dachten aan hun volgende maaltijd. Maar er was zó veel voedsel voorhanden in Doggerland, waardoor stabiele samenlevingen mogelijk waren. De kans is reëel dat we bij de meren of rivieren kleine dorpen vinden.” Deze zeetocht is een eerste fase. Later volgen nog boringen tot 10 à 15m onder de bodem. Wordt ongetwijfeld vervolgd.

Tegen 2020 zullen windmolens voor de Vlaamse Noordzeekust evenveel energie als een kerncentrale kunnen genereren.

Thorntonbank

We maken een sprong van die ijstijd naar de mildere en zelfs opwarmende 21ste eeuw. Op 25 km van de kust in een gebied van 225 km2 (groter dan de stad Antwerpen), de zogenaamde Thorntonbank, liggen vier actieve windmolenparken. In mei komt er een vijfde bij, en ook al een zesde is in opbouw. Tegen 2020 volgen er nog eens drie. Samen zullen ze 2,2 gigawatt energie kunnen opwekken, evenveel als een kerncentrale. Bij goed weer is de Thorntonbank met het blote oog waarneembaar.  

En dan is er dat project dat nog gestalte moet krijgen, maar waar toch alvast wat ruimte voor voorzien wordt. De storm van 1953 maakt deel uit van het collectief geheugen, zeker in Nederland, en was wat men noemt een 250-jarige storm. Slechts om de zoveel tijd krijg je er eentje van die kracht te verwerken. Gemiddeld. Maar wat als erger in de maak is? Een duizendjarige storm bijvoorbeeld; ruim voldoende om de kustlijn te verzwelgen en een groot deel van het Vlaamse binnenland om te vormen tot, tja, zeg maar, Doggerland. Een eiland voor de kust zou preventief kunnen werken. Of het ooit tot de aanleg ervan komt is koffiedik kijken. Maar zopas werd een locatie bepaald en gevrijwaard. Het verzamelen van de centen kan beginnen.

Buro: MV
  • 0
Top