Wat het "woord van het jaar" leert over de Vlaamse fietsinfrastructuur

  • 0

Wat zegt de verkiezing van “woord van het jaar” over de samenleving waarop ze betrekking heeft? Soms heel wat, toch voor de recentste editie van deze wedstrijd. Het is een jaarlijks terugkerend ritueel, al dan niet met een verrassend resultaat.

“Moordstrookje” is het dus geworden. En alvorens de argeloze lezer er zich gruwelijke dingen bij begint voor te stellen, de term is een synoniem voor...fietspad. Meer in het bijzonder bedoelt men de smalle strook op de openbare weg, afgebakend door vaak niet meer dan twee stippellijnen, waartussen fietsen moeten laveren. Hoeft het gezegd dat dit door het voorbijrijdende verkeer vaak niet zonder gevaren is.

Waar men rijdt langs Vlaamse wegen, komt men wel ergens een “moordstrookje” tegen. (Bron: YouTube)

De term op zich komt van Groen-politicus Björn Rzoska, zelf een verwoed fietser. Het gebruik van “moordstrookje” had dan ook vooral een politieke doelstelling, maar tot de eigen verbazing heeft het woord inmiddels zijn weg richting de volgende editie van het Van Dale woordenboek gevonden.

Dat zo’n 10.000 Vlamingen voor “moordstrookje” kozen is een realiteit waar politici maar weinig aan kunnen veranderen, toch weerklonk gemor in die hoek. Want impliceert “moord” niet dat er sprake is van voorbedachte rade. Men kan toch moeilijk de overheden, de bevoegde Minister voor Mobiliteit op kop, verwijten doelbewust jaarlijks tientallen fietsers de dood in te jagen? De vraag stellen is ze beantwoorden. Maar de cijfers zijn wat ze zijn.

Gebrekkige infrastructuur

Deze fietspaden zijn, zoals de Nederlandse krant Trouw zopas nog opmerkte, “een Vlaamse specialiteit, maar niet zo’n heel geslaagde” (24.12.2018). Eigenlijk zijn ze een erfenis uit het verleden, toen het voeren van een verkeersbeleid synoniem was voor het vooropstellen van Koning auto. Doorheen de jaren, niet in het minst door de steeds strakker wordende verkeersknoop, heeft de fiets als alternatief vervoermiddel aan belang gewonnen.

Zeker de komst van elektrische fietsen zette heel wat in beweging. Alleen hinkt de infrastructuur achter. Er worden stappen gezet, toch heeft de uitvoering van de plannen veel weg van een slakkengang. In Vlaanderen ligt nog altijd zo’n 1.800 kilometer fietspad dat geen 1,5 meter breed, smaller dus dan de minimumnorm die de Vlaamse overheid zichzelf opgelegd heeft. Vorig jaar werd 161 kilometer aangepast, wat betekent dat het aan dit tempo nog meer dan tien jaar zal dure voor die “moordstrookjes” beveiligd zijn.

Gemengde cijfers

Mee fietsers op de weg en een infrastructuur die (nog) niet op peil staat heeft zo zijn gevolgen op het vlak van verkeersveiligheid. De voorbije tien jaar is het aantal fietsdoden systematisch gedaald, dat is de positieve kant van het verhaal.

Anderzijds zorgt het aantal toegenomen fietsers op de weg ervoor dat er ook meer betrokken zijn in het ongevallen. Tegenover een daling van de dodelijke slachtoffers van 91 naar 71, is er over diezelfde tienjarige periode een toename met 25% van letselongevallen. En dat cijfer is volgens Vias Institute, het kenniscentrum voor Verkeersveiligheid, nog een schromelijke onderschatting.

Vaak vindt immers geen aangifte plaats, waardoor het incident in kwestie uit de statistieken blijft. Nu maar afwachten of het succes van “moordstrookje” de aanpassing van de infrastructuur in een hogere versnelling kan brengen.

Buro: MV
  • 0
Top