Wat na de beeldenstorm?

  • 0

Het is al vijf jaar geleden dat aan de voet van de monumentale trap voor Memorial Hall van University of Cape Town het standbeeld van Cecil Rhodes werd verwijderd. Cecil Rhodes was eind 19e eeuw een van de belangrijkste gezichten van de Britse kolonisatiedrift in zuidelijk Afrika. Memorial Hall heeft ondertussen een nieuwe naam gekregen: Sarah Baartman Hall, naar de legendarische Khoi- slachtoffer uit het begin van de 19e eeuw.

Een schokgolf verplaatst zich door de wereld heen. Ik denk dat deze golf de coronacrisis heeft gekozen om vleugels te krijgen en in enkele weken uit te groeien tot een krachtige, globale protestactie tegen racisme, discriminatie en kolonialisme.

Het Middelheimmuseum in Antwerpen is een beeldenpark waar kunst en natuur hand in hand gaan. Aan de rand van het park trof ik een verlaten plek aan, verscholen tussen de bomen. De bestemming van die plek is niet zo duidelijk. Krijgen beschadigde beelden er een tijdelijk onderkomen? Of fungeert de plek als een soort kerkhof voor beelden die in ongenade zijn gevallen? De beelden die er kriskras door elkaar staan zijn in elk geval beelden van mindere goden. Leopold II ontbrak er voorlopig nog.

De laatste weken zijn er al veel beelden, symbolen van een koloniaal of racistisch verleden, gesneuveld. In Bristol trok een woedende menigte het standbeeld van voormalig parlementslid en slavenhandelaar Edward Colston omver en belandde het in de nabijgelegen haven in het water. In Londen werd in het stadsdeel Tower Hamlets het standbeeld van Robert Milligan verwijderd. Hij was een vooraanstaand zakenman uit de 18e eeuw en tevens eigenaar van honderden slaven op een suikerplantage in Jamaica. Voor de ingang van Oriel College, onderdeel van Oxford University, scandeerden zo’n duizend actievoerders “Rhodes must fall!”. In 2015 was dat al gelukt in Kaapstad.

De klap op de vuurpijl kwam uit de VS, toen in het kielzog van de beweging “Black lives matter” en de steunbetuigingen aan George Floyd massale protestacties op gang kwamen van de oost- tot de westkust. Op 25 mei overleed Floyd nadat een politieagent met zijn knie meer dan acht minuten op Floyds nek leunde terwijl deze geboeid op zijn buik op straat lag. Het standbeeld van ontdekkingsreiziger Christoffel Columbus aan Minnesota State Capitol, het parlementsgebouw van Minnesota in Saint Paul, dat aan Minneapolis grenst, werd van zijn sokkel getrokken. Minneapolis is de stad waar George Floyd door politiegeweld om het leven kwam. In Richmond, Virginia, werd het standbeeld neergehaald van Jefferson Davis, die van 1861 tot 1865 de eerste en laatste president was van de Geconfedereerde Staten van Amerika, het zuidelijk deel van het land. Omdat voor vernieling wordt gevreesd, wordt het Columbus-standbeeld bij Columbus Circle in New York nu bewaakt.

In België wordt deze dagen het ene na het andere standbeeld van Koning Leopold II verwijderd, beklad of vernield. Straatnaamborden die naar hem verwijzen ondergaan hetzelfde lot. Het is lange tijd stil geweest rond de tweede koning van België, die privé-eigenaar was van de Congo-Vrijstaat van 1885 tot 1908, zoals afgesproken op de Koloniale Conferentie van Berlijn. Vanwege protest tegen zijn schrikbewind diende Leopold II in 1908 de Congo-Vrijstaat af te staan aan de Belgische staat, die tot 1960 het bestuur zou waarnemen van zijn enige kolonie, omgedoopt tot Belgisch-Congo. Maar nu, in 2020, is het hek van de dam en kan een brede maatschappelijke discussie over het onverwerkte koloniale verleden niet langer worden uitgesteld. De gemoederen zijn verhit, nu het ergste van de coronacrisis voorbij is en er weer wat maatschappelijke energie is vrijgekomen om andere problemen aan te pakken.

Als zelfs Bach, Rossini en Beethoven van hun sokkel worden getild, dan moet er wel iets mis zijn. Breidt het protest zich uit tot de artistiek-culturele sector? Neen, het zal wel te maken hebben met de slechte staat van de beelden.

Eerder dit jaar richtte het Institute of Social Studies (ISS), in het kader van het vijfentwintigjarig bestaan van Winternachten Internationaal Literatuurfestival Den Haag, het inmiddels klassiek geworden “storytelling symposium” in. Het jaarthema was “Decolonising the mind: What happened to you?” Met ontzettend veel jeugdig enthousiasme werd er gediscuteerd over de diepe sporen die het koloniaal verleden nog altijd trekt in de 21e eeuw, en over het opflakkerend racisme dat veel menselijk geluk in de weg staat. Studenten van over heel de wereld deelden er hun zorgen en toekomstverwachtingen. De verhalen deden vaak pijn, maar altijd was de hoop nabij.

Als expert in sociale verandering en sociale bewegingen leidde Kees Biekart het symposium in goede banen. Storytelling is voor hem literatuur, maar dan niet op papier. Wat wel essentieel is, zijn woorden, verbeelding en structuur, een drieluik dat een nieuwe definitie kan zijn voor literatuur in een kosmopoliet land als Nederland. Een van zijn storytellers was de Zuid-Afrikaanse Zuleika Sheik uit Durban, PhD-student aan het ISS. 

Zuleika Sheik, Zuid-Afrikaanse PhD-student aan het International Institute of Social Studies, Den Haag

Haar verhaal klonk als een sprookje in de oren maar het was bittere ernst toen zij het had over de slavernij van haar betovergrootmoeder Jugrani Sheodin. Ik citeer een passage uit haar beklemmend verhaal:

You see before the year 1891, there is no record of my ancestry. It was the year my great-great-grandmother, Jugrani Sheodin, was taken by the British, from Wazirgunge, in the Indian State of Uttar Pradesh, across the Indian Ocean to Natal, in South Africa and handed over to her master D. De Pass to work as an indentured labourer at the Reunion Estates sugar plantation. It will also come as no surprise then when I say that it is common knowledge that sugar was the product most associated with the Atlantic Slave Trade. In fact Europe’s sweet tooth created such a demand for sugar, that it created an increased demand for African slave labour.

Het thema van het symposium is mede gebaseerd op het essay uit 1986 “Decolonizing the mind: The politics of language in African literature” van de Keniaanse schrijver en sociaal activist Ngugi Wa Thiong’o. Zijn zoon Mukoma Wa Ngugi, verbonden aan het English Department van Cornell University, lichtte op het symposium de actuele betekenis van het essay van zijn vader toe (zie https://lithub.com/mukoma-wa-ngugi-what-decolonizing-the-mind-means-today/) en betrok er trots zijn eigen boek bij, The rise of the African novel. Politics of language, identity, and ownership, in 2018 uitgegeven door de University of Michigan Press.

Mukoma Wa Ngugi, associate professor of English, Cornell University, en auteur van The rise of the African novel (2018)

Kolonisering komt ook op ons af in kleine schijfjes, in de kleine dingen van het leven, zoals de straffen die we op school kregen omdat we de Engelse woorden niet correct uitspraken of schreven. Hij beschouwt zijn vader als een echte “language warrior”. Wanneer je moedertaal Kiswahili, Gikuyu of enige andere Afrikaanse taal is, hoe kan je dan verantwoorden dat een koloniale mogendheid je dwingt een taal de spreken die niet de jouwe is? De kogel mocht dan wel het middel zijn van de fysieke overgave, taal was zeker het middel van de spirituele onderwerping. Mukoma stal de show op het baanbrekende ISS-symposium in Den Haag.

Met de wereldwijde protestacties tegen raciaal geweld is zeker het vuur aan de lont gestoken. Boekenverbranding, verwijdering van ontaarde kunst, beschadiging, bekladding en vernietiging van standbeelden van allerhande dictators en uitbuiters en het weggommen uit het collectief bewustzijn van allerlei andere symbolen zijn geen nieuwe verschijnselen. Telkens wanneer in de loop van geschiedenis de druk op de ketel te zeer stijgt en elke vorm van emancipatie voor de mensen onmogelijk wordt, ontstaat er verzet, soms geruisloos en sluimerend, soms radicaal en revolutionair.

Het verzet tegen racisme, discriminatie en kolonialisme van de afgelopen maand is ongekend heftig geweest. Van het grootste belang is dat dit verzet nu wordt geloodst in een richting die positieve maatschappelijke krachten mobiliseert, armoede bestrijdt, mensenrechten herstelt, respectvol omgaat met alle minderheden, sociale ongelijkheden beetje bij beetje opheft.

Er is veel werk aan de winkel en het hoeft niet altijd te gaan over grote plannen en brede hervormingen. Vaak gaat het ook over kleine ingrepen in het sociale weefsel, zoals het geven van historische duiding bij beelden van omstreden politieke figuren veeleer dan vandalisme en geweld gebruiken om deze figuren een kopje kleiner te maken; het vertalen en dus toegankelijk maken van klassieke literatuur uit de verschillende Zuid-Afrikaanse talen (bijv. de Africa Pulse-reeks gepromoot door Antjie Krog en Oxford University Press), en vooral ervoor zorgen dat het kolonialisme niet langer een blinde vlek blijft in het onderwijs.

Er is inderdaad veel werk aan de winkel nu de beeldenstorm iedereen weer brutaal wakker heeft gemaakt.

Buro: MvH
  • 0
Top