De wording van Gerrit Komrij

  • 0

De wording van Gerrit Komrij, een biografisch portret
Arie Pos
De Bezige Bij, Amsterdam
ISBN: 978 94 031 8071 7
Prijs: 29,99 (e-book: 14,99)

Onder het genot van een witbiertje - zonder citroen - sprak ik eens met Gerrit Komrij. Ik vertelde hem hoe gek ik was op Coetzee. Wat een schrijver. Hij keek me indringend aan en zei: 'Coetzee? Dat academisch proza moet ik niet.'

Ik moet eraan denken bij het lezen van Arie Pos' biografische schets over de 'bildungsjaren' van Gerrit Komrij: De wording van Gerrit Komrij. Het boek behandelt de studententijd van Gerrit in Amsterdam. Komrij stopt op 11 februari 1965 zijn studie Nederlands aan de Universiteit van Amsterdam. Een kleine 4 maanden later vertrekt de dichter naar Griekenland. Samen met Ellen Jonkers.

'Coming out'

Arie Pos beschrijft een boeiende periode uit het leven van Gerrit Komrij. Het is de tijd van zijn 'coming out'. Komrij viert het leven in Amsterdam. Tegelijkertijd bezoekt hij zijn colleges trouw. Begonnen met zijn studie in 1963, geeft hij het als 2e jaars uiteindelijk op. Het schrijven staat het studeren in de weg. Volgens de Winterswijker kan dit niet samengaan. Het is het één of het ander.

Zijn verdere leven zal Gerrit Komrij een afkeer hebben van de academische wereld. Hij vertelt vaak op een badinerende toon dat de docenten wat van hém konden leren. Tegelijkertijd laat Arie Pos in zijn biografische schets zien dat de anderhalf jaar op de universiteit Komrij wel degelijk gevormd heeft. Helaas gaat Pos niet dieper in op de onderwerpen die van invloed zijn geweest.

Pos spreekt alleen over Curtius’ studies naar de Middeleeuwen en wat Hocke meedeelt over het maniërisme in de beeldende kunst en literatuur. Boeken die hem aangegrepen hebben en de inzichten later zeker bij bijvoorbeeld zijn grote bloemlezingen hielpen. De verdere analyse blijft helaas achterwege in het verhaal van Arie Pos. Graag had ik hier ook diepere verbanden gezien met zijn studiejaren. Ik weet namelijk zeker dat Komrijs heldere analyses beïnvloed zijn door mensen als Garmt Stuiveling.

Boek als autonome wereld

De opvatting van het boek als autonome wereld, waarbij de biografie en de achtergrond van de schrijver niet als basis voor de interpretatie gelden. Als ik sommige analyses van Gerrit Komrij lees, hoe hij de heel eigen wereld van 1 bepaald gedicht ontvouwt, dan kan het niet anders dat hij ook beïnvloed is door deze docenten.

Iemand als Willem Wilmink (1936-2003) liep in die periode ook rond op de betreffende vakgroep als docent. Arie Pos rept geen woord over deze Twentse dichter die op veel punten een soortgelijke interesse heeft voor de literatuur en ook prachtig toegankelijk schrijft over poëzie.

Het verhaal over Komrijs emigratie naar Griekenland is veel verteld, maar ook van buitengewoon veel invloed geweest op de schrijver en dichter. Precies na een jaar keer hij met hangende pootjes terug in Amsterdam. Berooid en beroofd van de illusies waarmee hij vertrok. Het bepaalt de weg die Komrij kiest na terugkomst. Hij volgt zijn liefde voor de literatuur en voor Charles die hij kort voor vertrek naar Griekenland leerde kennen.

Lange oren

De roman die Komrij over de periode in Griekenland schreef, heeft Arie Pos 5 jaar geleden uitgebracht. Het is De lange oren van Midas. Komrij schreef het in een paar weken tijd. Daarna heeft hij er nog mee geleurd bij verschillende uitgeverijen. Zonder resultaat. Het boek is pas in 2017 voor  het eerst uitgegeven. Veel dingen die Komrij in Griekenland meemaakte, zijn ook in de roman terechtgekomen. Bizarre situaties zoals een zwangere vriendin die naar Griekenland komt voor een abortus, het kind voelt schoppen en met kind weer teruggaat. Ze houdt het.

Overigens verwerkt Komrij veel van zijn ervaringen in literatuur. Ook later. De roman Over de bergen bijvoorbeeld behandelt zijn eerste periode in Portugal, waar ook de ene absurditeit de andere overtreft. Dat zie je ook terug in een roman als De oren van Midas. In De wording van Gerrit Komrij citeert Arie Pos daarnaast uitvoerig uit allerlei onbekende dichtwerken en besteedt veel aandacht aan de totstandkoming van de debuutbundel van Komrij, Maagdenburgse halve bollen en andere gedichten. De bundel valt zeker op in 1968.

Banale onderwerpen

Arie Pos laat nauwgezet zien hoe Komrij zijn vorm vindt bij het maken van deze dichtbundel. De banale onderwerpen geschreven in een heel traditionele kwatrijnen trekken meer dan de aandacht. Het is immers de tijd van de experimentelen en de Vijftigers maken de dienst uit. Het is de vorm die Komrij zijn hele leven trouw is blijven volgen. Een strakke vorm, maar wel provocerend en op zoek naar schokeffecten. Pesterijtjes soms ook.

Het zijn gedichten die Komrij als een burcht om zich heenbouwt. Daarbij verdwijnt elke autobiografische associatie. Elk tot hemzelf herleidbaar biografisch spoor wist hij zorgvuldig uit. Zelfs het lyrisch ik verdwijnt helemaal uit zijn gedicht.

De gedichten waren vacuümgetrokken of hermetisch dichtgetimmerd en gaven geen geheimen prijs. Er was geen lyrisch ik dat zijn gemoed uitstortte. Op een onpersoonlijke manier werden er vervreemdende decors opgetrokken en bizarre anekdotes verteld waaronder vaak in de slotregel de bodem werd weggeslagen. (189)

Een vorm die sterk doet denken aan de de literatuurwetenschappelijke beweging New Criticism. De dichter die er niet is in het gedicht. Geen enkel verband met de biografie van de schrijver. Arie Pos laat goed zien hoe dit proces bij Komrij verloopt. Hoe de gedichten steeds meer op zichzelf staande entiteiten worden, los van het gevoel waaruit ze ooit geschreven zijn.

Er is daarbij heel veel ruimte voor de kenmerkende humor van Komrij. Zoals het deel 'VI Daar is het gat van de deur' in de debuutbundel. Hierin refereert Komrij naar een opmerking waarmee hij en zijn vriend Eli Scheen zich altijd bestraffend toespreken als ze even flink geklaagd hebben: 'Mijne Heren Zelfbeklagers, Daar is het gat van de deur'.

Ontsnappen

Dat ontsnappen van de ik, lukt bij zijn gedichten heel goed. In zijn romans slaagt hij daar veel minder in. Altijd overvalt mij dat gevoel bij het lezen van zijn romans. Ze hangen teveel aan de werkelijkheid, hoe het gebeurd is. De verteller probeert angstvallig het gevoel eruit te slopen. Uit eindelijk slaat het verhaal daarmee alleen maar dood. De personages verworden tot gevoelloze wezens die niet van het papier komen. Tot met zijn laatste roman De loopjongen ervaar ik dat zo. Het is daarom zo jammer dat zijn laatste dichtbundel Boemerang onvoltooid is gebleven. Want daarin spreekt juist die dichter. Zo kenmerkend voor Komrij. Geef mij maar die dichter.

Arie Post bewijst in zijn biografisch portret dat Gerrit Komij op boven alles een dichter is. In zijn gedicht verstopt hij zich, maar laat hij zich ook het duidelijkste zien. Het zijn juweeltjes. De rest is bijzaak. Het verwoordt ook de teleurstelling van Komrij dat hij de P.C. Hooft-prijs in 1993 krijgt voor zijn essays en niet voor zijn gedichten. De bundel van zijn verzameld werk die hij van de opbrengst uitbrengt, laat zien waar voor hem de prioriteit ligt.

Academische wereld

Uiteindelijk omarmt Komrij ook wel de academische wereld van de neerlandistiek en de literatuurwetenschap. Hij doet dit wel op zijn manier. Hij werkt bijvoorbeeld samen met de Leidse mediëvisten als Frits van Oostrom bij de samenstelling van zijn bloemlezing Middeleeuwse poëzie. Een aantal jaren later in 1999 is hij voor een halfjaar gastschrijver aan dezelfde universiteit. Als kroon op het werk ontvangt hij van hoogleraar Ton Anbeek een eredoctoraat voor zijn verdiensten voor de neerlandistiek met zijn bloemlezingen en essays over poëzie. Het is dezelfde Ton Anbeek die tegelijk met Komrij aan zijn studie in Amsterdam begon.

Het is ook de tijd waarin ik kennismaakte met Komrij. Gezeten aan de witbiertjes. De bijgeleverde citroen legde hij altijd meteen demonstratief in de asbak. Komrij heeft zich daarna nog vele jaren ingezet voor het promoten van de poëzie en stimuleren van dichters om vooral te blijven dichten. De Poëzieclub bestaat bijna 25 jaar later nog steeds en is de grootste dichtclub van Nederland en Vlaanderen. Iets dat zonder de tomeloze inzet en energie van Gerrit Komrij nooit gelukt zou zijn.

  • 0
Top