...
"De ‘plaas’ die ik bezocht tijdens mijn eerste verblijf, maakte een onvergetelijke indruk – de arcadische plek, met een interieur dat welhaast nog de sfeer van een Vermeer ademde, had iets onwezenlijks in de context van de Zuid-Afrikaanse realiteit."
...
Tweespraak met Stefan Hertmans
Ik kom van Mozambique en heet Kyoto,
praat Xhosa met een lichte klik,
ik klak met paarse hakken op tarmac,
spreek ook Zoeloe en Maleis,
ben de godin van het portiek.
- Stefan Hertmans

Stefan Hertmans door Michiel Hendryckx
Deel 1
Stefan Hertmans (1951) heeft niet alleen een omvangrijk lyrisch oeuvre op zijn naam dat zonder meer de levensader is van een veelzijdig schrijverschap. Ook romans, verhalen en essays, toneelteksten en brievenboeken maken deel uit van het verzameld werk. Titels van Hertmans zijn beschikbaar in meerdere talen. De Vertalingen Database van Literatuur Vlaanderen vermeldt in totaal 105 treffers (2025). De voorbije jaren verwierf vooral Oorlog en terpentijn internationale renommee, dankzij Guerre et térébenthine, vertaald door Isabelle Rosselin en uitgegeven bij Gallimard, en natuurlijk de Amerikaanse editie. Voor War and Turpentine ontving de auteur een nominatie voor de Man Booker International Prize. Hertmans’ boek stond in 2016 op de lijst van de New York Times Book Review met de tien meest belangwekkende boeken van dat productiejaar. Een jaar later verkoos The Independent het boek als best vertaalde buitenlandse fictie in het Engels (vertaling door David McKay). De roman prijkte daarenboven in datzelfde jaar op de lijst van de New York Times Book Review met de honderd meest bijzondere boeken internationaal.
Voor War and Turpentine ontving de auteur een nominatie voor de Man Booker International Prize. De eerste Nederlandstalige auteur die deze onderscheiding in de wacht sleepte, is (Marieke) Lucas Rijneveld voor het romandebuut De avond is ongemak (The Discomfort of Evening).
In 2020 is het oeuvre van Stefan Hertmans in Nederland bekroond met de prestigerijke Constantijn Huygensprijs.
Ook voor het eclatante succes van het Eerste Wereldoorlog-boek werden romans, essays en gedichten van Hertmans vertaald. Bij Gallimard verscheen in 2022 een selectie uit Hertmans’ poëzie in een vertaling van Philippe Noble, recent nog Déplacements (Actes Sud) als de Franse editie van het essay Verschuivingen (2022).
In het academiejaar 2025-2026 is Hertmans aangesteld als writer in residence in de faculteit Letteren en Wijsbegeerte van de Universiteit Gent, nadat hij is verkozen als UGent Alumnus van het Jaar.
Hertmans’ poëzie in het Afrikaans
Daniel Hugo heeft uit de door Hertmans samengestelde zelfbloemlezing Een beeld van jou. Gedichten over de liefde (2016) een keuze gemaakt (https://www.litnet.co.za/lyriek-van-stefan-hertmans-in-afrikaans/). Voor de auteurseditie heeft de schrijver gedichten geselecteerd uit Muziek voor de overtocht. Verzamelde gedichten 1975-2005 (2006) en De val van vrije dagen (2010). De vertaling van acht gedichten is Hertmans’ introductie als dichter in het Afrikaans. De prozaïst maakte in Zuid-Afrika al eerder zijn debuut met Oorlog en terpentyn (Protea Boekhuis, 2016). Het boek is gunstig onthaald in Zuid-Afrika en ontving in 2017 de prestigieuze prijs voor vertaling van de Suid-Afrikaanse Akademie vir Wetenskap en Kuns. In 2015 ontving Hugo voor zijn Afrikaanse vertaling van Sprakeloos van Tom Lanoye ook al deze onderscheiding. Over bepaalde vertaalkeuzes in Oorlog en terpentyn, zoals de vertaling van samengestelde zinnen, zijn “’n paar gedagtes rondom die vertaling” gedeeld:
Dit is jammer dat daar aan die skrywer se styl getorring is deur sinne in korter dele op te breek (die openingsparagraaf in die bronteks bestaan byvoorbeeld uit vyf sinne – in die vertaalde teks word dit elf sinne). Dit verklaar dalk die oorsprong van die gevoel van afgestomptheid wat ek in die eerste deel van die boek ervaar het (Van der Watt 2017).
Over de specifieke vertaalkeuzes heeft Hugo op LitNet uitgeweid. De weliswaar beperkte kritische ontvangst was trouwens bijzonder gunstig:
Hugo heeft dat [de taalvermenging, yt] in zijn sprankelende Afrikaanse vertaling prachtig weten te behouden én toegankelijk gemaakt. Het Frans heeft hij voorzien van een Afrikaanse vertaling (tussen haakjes), en dialect staat tussen dubbele aanhalingstekens (Maas 2018: 195).
De vertaalproblematiek is kort besproken door Désirée Schyns (2024):
In een rondetafelgesprek tussen de Zuid-Afrikaanse vertaler-dichter Daniel Hugo en de Vlaamse schrijvers Stefan Hertmans en Tom Lanoye haalde Hugo een passage aan uit Oorlog en terpentijn waarin Hertmans West-Vlaamse woorden, archaïsch Nederlands en Frans laat mee resoneren.1 De vertaler in het Afrikaans had moeite met woorden als ‘klapotter’, ‘klepsjiezen’ en ‘kroelkesvolk’ die de grootvader in de mond nam om een schilder als Ensor te omschrijven. Als strategie had hij ervoor gekozen sommige van die woorden uit de streektaal in het Vlaams te laten staan in zijn Afrikaanse tekst.
Zuid-Afrikagedichten
Niet alleen zijn een roman en een handvol gedichten vertaald in het Afrikaans. Zuid-Afrika wordt ook verbeeld in Hertmans’ lyriek. De auteur bundelde drie Zuid-Afrikagedichten in Vuurwerk zei ze (De Bezige Bij, Amsterdam, 2003).
SWARTVROU, STELLENBOSCH
Bushok en schuivend beeld van aarde,
schuimende oevers en geföhnde wolk,
een arm die om een landschap gaat
en wat haar ogen zochten.
Stil jongen, stil je dorst.
Het is dat licht bewegen van
haar amper openvallend jasje
dat jou zo dromen doet.
Buiten roken bevrijde slaven nog
de zoete velden uit, de oude plaas,
de aardbeidronken clusters mens.
Als dit is wat het van ons wenst –
dan zal haar hand het hele leven
trillend dekken in een ogenblik,
een grote doodshoofdvlinder,
flapperend en felzwart in
haar wijndoordrenkte bed.
MEISJE IN DURBAN
Ze loopt de kantjes van haar lippen af,
het zout, de kussen en de wonden
die ze mijn voorgangers vergaf.
Ik kom van Mozambique en heet Kyoto,
praat Xhosa met een lichte klik,
ik klak met paarse hakken op tarmac,
spreek ook Zoeloe en Maleis,
ben de godin van het portiek.
Een souvenir? De kneepjes van mijn hand?
Wuif met je hart, jij blanke,
laat mij het wisselgeld voor nog
één van mijn onnavolgbaar lichte
wimperslagen,
terugslag van donkere oceaan,
koel schuimende ochtend,
als je slaapt
en mij vergeet.
VOORJAAR
Het is volmaakt zoals
het er staat
voltooid in eigen licht
wisselt het blikken
met een blinde
Het is het meest vluchtige
waar ik ondanks alles
toch niet bij kan komen
Proteus rent
langs de verbleekte hemel
en staart in spiegels van slik
sneeuwbes, een beeld van
Bloemfontein in woorden
dan de vallei, de amper
openvouwende einders
van gedroomde savanne
jouw groene ogen, hemelgroot,
want alles is in niets
en dat in jou.
Yves: Naar aanleiding van de Zuid-Afrikaanse uitgave van Oorlog en terpentijn heb je in 2017 samen met jouw vertaler Daniel Hugo en de schrijvers Tom Lanoye en Peter Verhelst getoerd in Kaapstad, Stellenbosch en Durban. Bij die gelegenheid, op uitnodiging van de Vlaamse regering en de bemiddeling van Geraldine Reymenants, wisselde je op het publieke forum van gedachten over vertaalkeuzes. Je trad op bij het Suider-Afrikaanse Sentrum vir Nederland en Vlaandere (SASNEV) en ging er in gesprek met de vertaler Zandra Bezuidenhout op 4 maart 2017. Op diezelfde dag stond een gesprek met jouw vertaler Daniel Hugo gepland. Je had het over wat Breyten Breytenbach noemde “de vervelling” van jouw oorlogsroman in een andere taal. Hoe heb je die Afrikaanse vertaling van Oorlog en terpentijn, het eerste van jouw huizentrilogie (met De bekeerlinge (2016) en De opgang (2020)) zelf ervaren. In hoeverre was je betrokken bij het vertaalproces? Het vertalen van de roman is geen sinecure, gelet op de linguïstische complexiteit (d.w.z. de vermenging van standaardtaal, Frans en ook Gents dialect) en de particuliere culturele en geografische referenties. Tijdens een optreden op Woordfees sprak je over “meertalig in mijn eigen taal” (Maas 2018: 195).
In 2018, toen Hugo aan de Universiteit Gent “vertaler op campus” was, hebben we over die vertaling een gesprek gevoerd samen met Tom Lanoye en Daniel Hugo (De Vries 2019, T’Sjoen 2018a & 2018b).
...
“Vertaald worden door de toegewijde en gewetensvolle Daniel Hugo was een plezier, de ontmoetingen waren dat evenzeer.” (Stefan Hertmans)
...
Stefan: Ik ben meestal nauw betrokken bij vertalingen naar talen die ik beheers of minstens passief begrijp. Vertalers sturen mij meestal de werkvertaling en geven passages, uitdrukkingen of specifieke problemen door, samen met een aantal vragen die ik zo goed mogelijk samen met hen probeer te beantwoorden. In het geval van de vertaling van Daniel Hugo was het een plezier om in detail de varianten en ‘false friends’ te kunnen ontdekken bij de vertaling van een tekst die van zichzelf al verschillende taallagen bevat. Ik maakte gebruik van het Verklarende Afrikaanse Woordeboek (Labuschagne – Eksteen) om een aantal details te vatten. Het werd op die manier een erg leerrijke ervaring. Vertaald worden door de toegewijde en gewetensvolle Daniel Hugo was een plezier, de ontmoetingen waren dat evenzeer. Hugo was bereid meer romans van mij te vertalen, maar dat hangt natuurlijk af van de beslissing van de uitgever.
...
“Het deed me voor het eerst haast lijfelijk de breuk voelen die dit land zo diep heeft verdeeld.” (Stefan Hertmans)
...
Yves: Ter gelegenheid van een van jouw beide passages in Zuid-Afrika heb je de gedichten geschreven die in Vuurwerk zei ze zijn opgenomen. Kun je iets meer zeggen over de anekdotische aanleiding – in de gedichten komen realia voor: plaatsnamen en specifieke Afrikaanse woorden zoals “plaas” – en hoe je die gedichten een eigen plek hebt gegeven in de bundelcompositie?
Stefan: Ik kan me herinneren dat het gedicht ‘Swartvrou, Stellenbosch’ is ontstaan uit een beeld tijdens onze rit van Stellenbosch naar Durban. Ik was onder de indruk van de kracht van vele van de gewone, vaak bepaald niet welgestelde inwoners – langs de weg zagen we grote aantallen mensen werken in de velden. De waardigheid van de vrouw bij het bushokje langs de autoweg, in de hitte van de middag, wellicht terugkomend van zwaar veldwerk, was aanleiding voor het eerste gedicht. Het tweede ontstond uit een ontmoeting die ik samen met Benno Barnard had in Durban, met een jonge Zoeloevrouw met wie we een glas dronken. Haar hang naar een onafhankelijk bestaan, naar respect en vrijheid, bleef hangen toen ik de eerste notities maakte. Beide gedichten zijn thuis voltooid op basis van de eerste notities. Je zou ze kunnen beschouwen als mentale foto’s van twee sterke vrouwen. Het derde verwijst eigenlijk niet naar het Zuid-Afrikaanse landschap, maar bevat wel een flits van een herinnering aan de weidsheid van het landschap in Vrijstaat (‘Bloemfontein’, ‘gedroomde savanne’). Met name de ‘plaas’ die ik bezocht tijdens mijn eerste verblijf, maakte een onvergetelijke indruk – de arcadische plek, met een interieur dat welhaast nog de sfeer van een Vermeer ademde, had iets onwezenlijks in de context van de Zuid-Afrikaanse realiteit. Het deed me voor het eerst haast lijfelijk de breuk voelen die dit land zo diep heeft verdeeld.
Wordt vervolgd.
Lees ook:
Fine Music Radio-resensie: Oorlog en terpentyn deur Stefan Hertmans, vertaal deur Daniel Hugo
Akademiepryse 2017: SA Akademieprys vir vertaalde werk aan Daniel Hugo – commendatio


