Autocorrectie
Etgar Keret
Oorspronkelijke titel: Otokorekt (2024)
Vertaald uit het Hebreeuws door Ruben Verhasselt
Z. pl.: Wereldbibliotheek
2025
207 blz.
Verrassende, originele bundel met 33 korte verhalen. Bizar, verbluffend, soms ook komisch. Over een parallel universum, of over wonderbaarlijke werelden beheerst door simulatie of bepaald door coke.
- Hoe technologie onbekende werelden opent.
- Knappe, rake sfeertekeningen.
Opmerkelijke passages
- Mesopotamische hel (38–40): “Volgens de oude Mesopotamiërs was de hel een plek die volkomen identiek was aan onze wereld, op één ding na: de doden mogen er na aankomst alles zeggen wat er in hen opkomt, maar ze kunnen elke zin, elke uitdrukking en elk woord maar één keer zeggen.” (38)
- Soulo (55–60): Over de faculteit Eenzaamheidswetenschappen van de Freie Universität Berlin (55), waar het project Soulo gelanceerd werd, dat voor iedereen op de wereld een tweelingziel zou creëren, een computer-entiteit die perfect zou passen bij degene voor wie ze bestemd was. (56)
- Genesis, hoofdstuk 0 (67–72): Over een wetenschapper die aan de universiteit van het leven gepromoveerd was in pijn. (67)
- Olijven, of: end of the world blues (73–74): “Op de laatste dag van de wereld eet ik olijven.” (73)
- Uitgesproken meningen over brandende kwesties. (75–81)
- Op zoek naar uitgesproken publieke meningen “die de stemming onder het volk weerspiegelde of de kijkers op de kast zou jagen. Liefst beide.” (77)
- Over opiniehouders. (77)
- Autocorrectie (82–89): Titelverhaal. Vader en zoon in veel varianten.
- Rij (112–116)
- “Het wordt tijd dat we het toegeven: mensen zijn niet echt goed in het onthouden van de dingen zoals ze echt zijn gebeurd. Als een belevenis een kledingstuk is, dan is de herinnering datzelfde kledingstuk nadat het keer op keer verkeerd is gewassen.” (112)
- Wie weet beter dan wij (159–161)
- “’‘En wie weet beter dan wij,’ zei hij weer, ‘dat schrijven al met al een afleidingsmanoeuvre is. Het scheppen van een schijn van een bruisende, carnavaleske realiteit die ons zou moeten afleiden van de echte kille, teleurstellende en zielloze werkelijkheid.’” (159)
- Voor de vrouw die alles heeft (185–194): Een planetoïde als verjaardagscadeau. Haar ouders waren “mensen met normen en waarden geweest, mensen uit het pre-shittijdperk, en ze hadden echt van elkaar gehouden.” (193)
- Toewijding (196–201)
- “Tijdens het bidden speurde hij naar barsten in zijn geloof en in zijn toewijding, en kwam erachter dat hij meestal echt met heel zijn hart bad, maar dat dat hart op sommige momenten werd gespleten.” (197)
- IJsbeer (202–207)
- “Tegen het eind van de eenentwintigste eeuw begonnen de technologieën hun belangstelling voor ons te verliezen.” (202)
- “Het is altijd moeilijk te proberen niet aan iets te denken. Probeer bijvoorbeeld maar eens niet te denken aan een ijsbeer.” (203)
Lees ook:
Leesimpressie: Hoe een reebok ons leven redde door Ota Pavel
Leesimpressie: De boekhandel van Algiers door Kaouther Adimi

