Leesimpressie: Joris Luyendijk presenteert Hoop

  • 0

Joris Luyendijk presenteert: Hoop, 100 wetenschappers, kunstenaars en ondernemers vertellen wat hun hoop geeft
Z.pl: Maven Publishing. Nederland in ideeën

2019
288 blz.

Intrigerend initiatief. Brede opzet. Bekende en minder bekende onderzoekers, kunstenaars en ondernemers schetsen in twee a drie pagina’s hun perspectief op hoop.

  • “Twijfel is de zuurstof van de democratische samenleving. Maar ergens komt er een punt waarop gezonde scepsis overgaat in cynisme, en geloven mensen niks meer. (...) Het tegenovergestelde van cynisme is hoop. (...) passieve hoop , waarbij iemand anders het voor je gaat oplossen (...). Er bestaat ook de actieve variant, waarbij hoop voor je werkt als een soort buitenboordmotortje voor wanneer de wind gaat ligt en je stilvalt.” (16)
  • Informatie over de auteurs is zeer summier.
Inhoud:

Ewoud Sanders. De dankbare jood. (37–38)

  • Genieten van massadigitalisering: “Hoopvol dat lezen niet meer zo'n monopolie heeft bij het vergaren van kennis.” (38)

Gustaaf Peek. Lasciate ogni speranza (39–40)

  • “We zijn in staat gebleken om al ons talent voor overleving en ontwikkeling tegen onszelf in te zetten.” (39)
  • “(…) literatuur creëert absoluut geen gemeenschapszin. Integendeel, mocht literatuur iets bewerkstelligen dan is het de bestendiging van het individu. (...) En dan nu het hoopvolle. Dat is er niet. Het is een verheugende omstandigheid dat literatuur niet van hoop afhankelijk is. Elk woord van een auteur is altijd onmiddellijk het laatste woord. Literatuur is nooit niet gedoemd geweest.” (40)

Bas Jongenelen. Een nieuwe hoop op middeleeuwse schrijvers. (41–42)

  • Over mogelijkheden van digitale tekstanalyses.

Louis Sicking. De sprietzeilrevolutie. (43–45)

  • Over de revolutie in de zeescheepvaart dankzij de ontdekking in de zestiende eeuw van het sprietzeil.

Merlijn Twaalfhoven. Verhalenvertellers. (52–54).

  • “Mijn hoop is gevestigd op verhalenvertellers.” (52)

Rikko Voorberg. De moed om je niet bij de feiten neer te leggen. (81–83)

  • “De grote kerkvader Augustinus schijnt gezegd te hebben dat Hoop twee prachtige dochters heeft: Woede en Moed. Woede over hoe de dingen zijn en moed om te durven geloven dat de dingen niet zullen blijven zoals ze zijn.” (82)

Martijn van Calmthout. De les van Sam Goudsmit. (91–93)

  • Over Einstein en succesvolle studenten.

Erella Grassiani. Vrede maken doe je niet met humus. (96–98)

  • Over Israeli's en Palestijnen die zich Combatants for Peace noemen.

Sid Vollebregt. Van schaarste naar overvloed. (106–108)

  • Over water.

Hans Schnitzler. Een kleine onderwijsrevolutie. (144–146)

  • “Macht ontstaat wanneer ‘mensen samenkomen en eensgezind handelen’, schrijft Hannah Arendt in On violence.” (144)

Alfred Birney. Koloniale schaamte. (149–151)

  • Over de “merkwaardige Nederlandse mengeling van koloniale schaamte en arrogantie” en de noodzaak van onafhankelijk onderzoek.

Marleen Hendriks. Koffie en bleekselderij. (171–173)

  • “Wereldwijd gaan meer mensen dood aan de gevolgen van overgewicht dan aan ondervoeding.” (171)

Dick Swaab. Hoop op leven. (226–228)

  • Over zelfdoding: “Wereldwijd suïcideren zich één miljoen mensen per jaar. Dat is meer dan het aantal doden door oorlogen en moorden bij elkaar.” (226)

Meltem Halaceli. Op vreemde tenen stappen. (237–239)

  • Over de dakba, een opzwepende Levantijns-Arabische volksdans en betekent letterlijk ‘stampen’.” (237)
  • “Volgens een volksverhaal ontstond de dans tijdens het bouwen van huizen met daken van hout, stro en aarde.” (238)

Thomas Rau en Sabine Oberhuber. Het kadaster voor materialen, het Madaster. (255–257)

  • “Madaster is een publieke online database waarin de identiteit en de tijdelijke verblijfplaats van materialen, hun financiële waarde en circulaire potentie voor de toekomst gedocumenteerd worden.” (256)

Jelle Reumer. De fossielen liggen voor het opvissen. (263–265)

  • “De oogst van de vistochten is ongelofelijk rijk en heeft Nederland (met Vlaanderen) tot de vierde fossielewalvissenhotspot ter wereld gemaakt.” (264)

Lavinia Meijer. Kijk naar boven (281–282)

  • Over muziek en voorbereiding op concerten.

Griet Op de Beeck. Mijn eigen evolutie. (283–285)

Lees ook:

Leesimpressie: Ngando door Paul Lomami Tshibamba

Leesimpressie: Dood en levend door Zadie Smith

Leesimpressie: Noodzakelijke gesprekken door Mounir Samuel

  • 0
Verified by MonsterInsights
Top