Leesimpressie: De ontdekking van Nederland door Chistopher Davies

  • 0

De ontdekking van Nederland. De tocht van de SS Atalanta over de rivieren en kanalen van Nederland en Vlaanderen
Chistopher Davies
Oorspronkelijke titel: On Dutch Waterways. The Cruise of the SS Atalanta on the Rivers and Canals of Holland and the North of Belgium (1886)
Vertaald door Nienke Groenendijk-Feenstra
Amsterdam: Scepter Uitgeverij
2001240 blz.

Kleurrijke, amusante en onbevangen reisnotities van de boottocht die de Engelsman Davies met enkele vrienden in het voorjaar van 1886 ondernam. Hij doorkruiste Nederland per motorboot, met een kort uitstapje naar Vlaanderen. Met foto’s.

Opmerkelijke passages
  • Bezoek aan Amsterdam (39–50): “Het viel ons op dat de Nederlandse architecten er kennelijk op uit zijn om zo opvallend mogelijk te bouwen, met zoveel mogelijk versierselen, en dat zij ook blijven experimenteren. (…) Nog steeds is er nergens een loodlijn te bekennen. De huizen leunen tegen elkaar met een dronken zwaartekracht. Als een van deze huizen gesloopt zou moeten worden, zou de rest van het rijtje als een kaartenhuis omvallen.” (42)
  • Enkhuizen (66–67): “zonder twijfel den dode stad” (66) met “foeilelijke vrouwen”. (67)
  • Het eiland Urk (72–81; 96–104): “De meisjes van Urk waren ongelooflijk knap, enerzijds groot en sterk, en anderzijds lief en kinderlijk als ze lachten.” (77)
  • Schokland en Kampen (82–89): “Door de lengte en de klank van de woorden is het Nederlands een prachtige taal om ruzie in te maken.” (82)
  • “De aken hesen iedere vierkante centimeter zeil die ze hadden in de vorm van grootzeilen, spinakers, kluivers en waterzeilen om de gunstige wind te ontvangen. Geen volk is zo ingenieus in het uitvinden van verschillende zeilen. Waar er ook maar een stok kan uitsteken of een lijn opgehangen kan worden, klappert een zeil, in alle denkbare kleuren, rood, bruin, zwart en groen en in alle denkbare vormen.” (84)
  • “Nederland is nu eenmaal bijna een soort vlot dat in het water drijft.” (101)
  • Over de “zoon van een pastoor”? (114)
  • “Nederland is eerder een land voor kunstschilders dan voor fotografen.” (125)
  • “Maar onze ervaring met de Nederlanders is dat ze weliswaar een beetje sluw zijn, maar dat je ze dit kunt vergeven, omdat het verder een plezierig en betrouwbaar slag mensen is, hoffelijk en gemakkelijk in de omgang, en derhalve veel gelijker dan dezelfde klasse mensen in Engeland.” (130)
  • Over poetsen en schrobben. Huizen: “De mannen schrobben de buitenkant, de vrouwen de binnenkant en wassen van hun bezittingen – in tegenstelling tot zichzelf – moet een groot deel van het leven van de Nederlanders in beslag nemen.” (142)
  • “Gedurende onze hele reis door Nederland zijn we niemand tegengekomen die niet buitengewoon beleefd en hoffelijk was. De beleefdheid had niets te maken met onderdanigheid, want de Hollanders zijn zeer onafhankelijke types (...).” (155)
  • “Een Nederlandse schipper loopt nooit te lanterfanten zolang er nog iets te poetsen valt.” (167)
  • Bezoek aan Vlaanderen levert vooral teleurstellingen op. Over “de walgelijk sluwe geestelijken [in Antwerpen] die in het voorbijgaan een steelse blijk op ons wierpen.” (193)
  • Over Gent: “Deze stad was een vuil, benauwd en stinkend gat, met grote hopen kolenstof”. (200)
  • “Voor een buitenlander die zijn weg moet vinden, is Gent de lastigste plaats die ooit gebouwd is.” (202)
  • “Brugge kon ons oneindig meer bekoren dan Gent. Het was er rustig en bijna saai, maar toch zag het er vrolijker en helderder uit dan Gent.” (206)
Lees ook:

Leesimpressie: Reis naar Europa 1697–1699 door Aleksej Izmajlov

Leesimpressie: Droomhuis, El Hizjra Literatuurprijs 2016–2024

Leesimpressie:  De wereld en de aarde door David van Reybrouck

Leesimpressie: 'Een mooie mengelmoes' door Marc Van Oostendorp en Nicoline Van Der Sijs

  • 0
Verified by MonsterInsights
Top