Leesimpressie: Vrouwen die oorlog zien door Victoria Amelina

  • 0

Vrouwen die oorlog zien, Oekraïens dagboek
Victoria Amelina

Oorspronkelijke titel: Looking at women looking at war, a war and justice diary (2025)
Voorwoord door Margaret Atwood
Nawoord door Eva Peek
Vertaald door Florian Jacobs
Leusden: ISVW Uitgevers
2026
320 blz.

Postuum verschenen, onvoltooid dagboek van Oekraïense schrijfster/onderzoeker Victoria Amelina (1986–2023).

  • Omgekomen bij Russische raketaanval op pizzeria. (305)
  • Haar zoektocht naar oorlogsmisdaden sinds februari 2022 met de organisatie Truth Hounds levert veel materiaal over gruwelen op. Verhalen over een aantal uitzonderlijke vrouwen. Ook ruim aandacht voor de Oekraïense cultuur en de aantasting van die cultuur. Hoewel het boek onvoltooid bleef, met veel onvoltooide pagina’s, passages en zinnen, ontstaat een zeer indringend beeld van agressie, leed en verzet: “Ik zie dit boek als een soort detectiveverhaal.” (16)
Opmerkelijke passages
  • Voorwoord door Margaret Atwood. (11–13)
  • Verwijzingen naar Martha Gellhorn en Pessoa. (12)
  • “Dit is haar stem: fris, intens, vol leven, die nu tot ons spreekt.” (13)
  • Verwijzing naar reactie Milosz n.a.v. het binnenvallen van Polen door de Duitsers en de Russen in 1939: “Alle onzin was eindelijk voorbij. De langgevreesde vervulling bevrijdde ons van de leugens die we onszelf vertelden bij wijze van troost, illusies uitvluchten: het troebele was transparant geworden.” (42)
  • “Moet ik ook boeken evacueren? Welke dan? (...) Uiteindelijk kies ik drie boeken: De Geëxecuteerde Renaissance, een bloemlezing van schrijvers die in de jaren dertig werden vermoord door het Sovjetregime; een dichtbundel van Hrytsko Tsjoebaj, een briljante Oekraïense dichter uit de jaren zestig die door de KGB werd gebroken en misschien wel ertoe werd gedwongen tegen zijn vrienden te getuigen; en een boek van Debora Vogel, een jonge Joodse dichteres die ervoor koos in het Jiddisch te schrijven en in 1942 samen met duizenden andere Joden in het getto van Lviv werd vermoord.” (69)
  • Verwijzingen naar Oksana Kis (over Oekraïense vrouwen in de Goelag) en Paul Celan. (84–85)
  • Over poëzie en oorlogsdialogen. (86–87)
  • Over het Literatuurmuseum in Charkiv. (71–74)
  • De dichter Ostap Slyvynsky startte het project Oorlogswoordenboek. (74–75)
  • Veel verwijzingen naar de omgebrachte schrijver Volodymyr Vakoelenko en zijn oorlogsdagboek. (o.a. 52–57; 77–83; 208–211; 258; 296)
  • “De vogels zingen alleen in de ochtend. Middags hoor je zelfs geen kraaien.” (296)
  • De bibliothecaris van Kapytolivka: “Ik kan niet alles beschrijven wat hier gebeurt, niet alle gebeurtenissen, want ik wil alle gruwelen vergeten.” (83)
  • Over Phillipe Sands, Galicische wetten. (87)
  • Een gesprek met Philippe Sans in de stad van Raphael Lemkin. (216–244)
  • Over zijn werk, gerechtigheid en criminaliteit.
  • “Op waarheid volgt vaak nog meer waarheid; daarom vrezen regimes zelfs maar een klein beetje ervan.” (93)
  • Verwijzing naar Hannah Arendt. (126)
  • Over schade aan culturele objecten in Oekraïne. Tenminste 514 in 2022. (244)
  • Nawoord van de Oekraïense redactie (300–309)
Lees ook:

Leesimpressie: Alle Oekraïners die ik ken door Olaf Koens

Leesimpressie: Mijn langste boektournee door Oksana Zaboezjko

Leesimpressie: Kilometer 101 door Maxim Osipov

Leesimpressie: De vluchteling, de grenswacht en de rijke Jood door Arnon Grunberg

  • 0
Verified by MonsterInsights
Top