Afrikaans in de Oost-Kaap: academische erfenis van Brink, Louw en Van Heerden op de tocht

  • 0

Foto van Grahamstad: Wikipedia

Dezer dagen herlees ik in Nederlandse vertaling fragmenten uit André Brinks ’n Vurk in die Pad (Tweesprong. Zuid-Afrikaanse memoires, Meulenhoff, 2009) en Vlam in de sneeuw. Liefdesbrieven van Ingrid Jonker en André Brink (Podium 2016). Vooral de passages die zich afspelen in Grahamstad krijgen mijn aandacht. Hoe Brinks leven “een verwoede slinger tussen Kaapstad en Grahamstad” was. Over zijn leven in Grahamstad merkt hij op: “[…] ik [ging] mijn gang door de straten van Grahamstad, het universiteitsstadje dat mijn toevluchtsoord was geworden – geen toevluchtsoord om aan de wereld te ontkomen, maar juist een enclave waar de buitenwereld nooit ver weg was”. Ik ben nieuwsgierig naar herinneringen aan zijn academische aanstelling als lector Afrikaans aan de Rhodes Universiteit, de samenwerking met collega’s, de colleges die hij aanbood en het onderzoek dat hij verrichtte, en vooral de literaire teksten die daar tot stand zijn gekomen. En natuurlijk de onweerstaanbaar smeuïge details over het spannende en tragische liefdesleven met Ingrid Jonker toen hij nog gehuwd was.  

Het departement Afrikaans en Nederlands van de Rhodes Universiteit in Grahamstad bezit een rijke historiek. Niet alleen de Antwerpenaar Rob Antonissen (later vicerector), André P Brink, WEG Louw en Etienne van Heerden hebben er jarenlang gewerkt. Ik mocht in de jaren negentig de veel te vroeg gestorven Barbara Bosch ontmoeten, ter gelegenheid van een uitnodiging om in de Oost-Kaap enkele lezingen over Vlaamse literatuur aan te bieden. Later ook Tim Huisamen, Godfried Meintjes en Anton Vorster. Samen met hun collega’s en studenten hebben zij de studie van de Afrikaanse en Nederlandse taal- en literatuurstudie op de kaart gezet.

Van mijn collega Anton Vorster, vakgroephoofd Afrikaans en Neerlandistiek (Skool vir Tale en Letterkundes), ontving ik afgelopen week een alarmerend bericht. Blijkbaar heeft het Institusionele Beplanningskomitee (IPC) aanbevolen vanaf 2019 het departement af te bouwen. Lage studentenaantallen en ook enkele pensioneringen van collega’s liggen ten grondslag aan dat advies.

In mijn hoedanigheid van voorzitter van het Gents Centrum voor het Afrikaans en de Studie van Zuid-Afrika, promotor van de leerstoel Zuid-Afrika: talen, literaturen, cultuur en maatschappij (UGent) en buitengewoon hoogleraar verbonden aan het departement Afrikaans en Nederlands van de Universiteit Stellenbosch teken ik protest aan. In een brief aan de rector, vicerector en decaan van de faculteit Geesteswetenschappen is gevraagd het plan te herzien. Intussen heeft ook PEN Afrikaans een brief gericht aan het universiteitsbestuur: met unanimiteit van stemmen roept het bestuur op de drastische maatregel opnieuw te overwegen, rekening houdende met de taaldiversiteit van Zuid-Afrika, het belang van Afrikaans in de Oost-Kaap en de rijke geschiedenis van het departement.

Dit is de ironie. In Zuid-Afrika wordt afgedongen op het belang van Afrikaans als wetenschapstaal, als voorwerp van onderzoek en onderwijs. Het taalbeleid van de Universiteit Stellenbosch en de keuze voor de verengelsing zijn wat dat betreft illustratief. In Europa bestaat daarentegen een toenemende interesse voor het Afrikaans. Ieder jaar organiseert de Universiteit Gent een internationaal colloquium over het Afrikaans. Onder anderen Dalene Vermeulen, als PhD-onderzoeker verbonden aan Rhodes Universiteit, leverde bij die gelegenheid een uitmuntende lezing (5-6 oktober 2018). Op basis van de uitstekende navorsing kan worden opgemerkt dat het taal- en letterkundig onderzoek en het academisch onderwijs betreffende het Afrikaans in Grahamstad stevig staan en perspectieven bieden voor de toekomst.

Al langer bestaat in Nederland de leerstoel Zuid-Afrika (Universiteit van Amsterdam), gefinancierd door de Stichting Zuid-Afrikahuis Nederland. De Gentse universiteit heeft zich de voorbije jaren ontwikkeld tot hét coördinatiecentrum voor onderzoeksactiviteiten op het gebied van de Afrikaanse taal- en letterkunde, en werkt daarvoor samen met het Zuid-Afrikahuis en de in Amsterdam nieuw aangestelde leerstoelbekleder Margriet van der Waal. Naast colloquia en workshops, waarvoor we telkens ook onderzoekers uitnodigen van Rhodes Universiteit, worden door het Gents Afrika Platform de jaarlijkse Mandela-lezingen georganiseerd. Op 26 november spreekt Zelda la Grange in Het Pand. Daarnaast zijn er op geregelde basis Zuid-Afrikaanse filmavonden en leeskringen Afrikaanse literatuur. Sinds vorig jaar organiseert de Universiteit Gent een leerstoel Zuid-Afrika: talen, literaturen, cultuur en maatschappij. Eerst was Hein Willemse (UPretoria) te gast, thans Wannie Carstens (Noord-Wes Universiteit, Potchefstroomkampus). De leerstoel biedt de mogelijkheid ieder jaar een vooraanstaand Zuid-Afrikaans academicus, met specialisatie Afrikaanse taal- of letterkunde, naar Gent te halen voor een volledig semester. Daarnaast bestaat de mogelijkheid, gezien de bilaterale akkoorden, Gentse docenten en studenten de kans te bieden in Zuid-Afrika onderzoek te verrichten, gastcolleges aan te bieden en/of te volgen. Datzelfde geldt dus voor academici en studenten in Zuid-Afrika. Rhodes Universiteit is een van de partnerinstellingen.

Momenteel verricht Andries Visagie (UStellenbosch) onderzoek in Gent, en ook Daniel Hugo (Universiteit van die Vrystaat) is momenteel te gast als “vertaler op campus”. Er gebeurt dus heel veel in Gent. Ook het departement in Rhodes is bij onze activiteiten betrokken. Rhodes Universiteit is van oudsher voor de studie van Afrikaans en Nederlands een belangrijke universiteit. Ikzelf was na mijn lezingen in 1996 tweemaal te gast in Grahamstad op uitnodiging van de Taalunie (Den Haag), het Kaapse Forum en de collega’s van het departement. De immer vriendelijke en behulpzame Godfried Meintjes was mijn gastheer. Ik koester nog steeds een door hem getekend boek Grahamstown reflected. In 2005 en 2008 heb ik er voor de Winterskool blokcursussen over Nederlandse en Vlaamse literatuur aangeboden voor Afrikaanstalige studenten die door verschillende departement in Zuid-Afrika zijn geselecteerd. Ik herinner mij de lectuur van gedichten van Paul Snoek op het gras tijdens een pauze tussen lesblokken. Het was een academisch privilege, met name op een prachtige universiteitscampus met leergierige studenten over Nederlandstalige literaire teksten te kunnen spreken.

Binnen afzienbare tijd zal in de Kaap een leerstoel Nederlands worden opgericht gefinancierd met fondsen in de Lage Landen. Een van de voornemens is de leerstoelbekleder uit de Lage Landen te vragen naast Stellenbosch, UWK en Potchefstroomkampus bijvoorbeeld ook Rhodes Universiteit te bezoeken, gastlezingen aan te bieden en met collega’s van departement Afrikaans en Nederlands gesprekken te voeren. Het is ondenkbaar, ook vanuit historische overwegingen, dat zo een belangrijk departement tegen die tijd niet eens meer bestaat.

Daags nadat ik mijn brief stuurde naar het bestuur van de Rhodes Universiteit (de dato 18 oktober) heeft ook PEN Afrikaans gereageerd. Het is nu afwachten in hoeverre het planbureau het voorstel zal herzien. Het is ondenkbaar dat de universitaire studie van het Afrikaans verder wordt afgebouwd, door cursussen voor eerste-generatiestudenten te schrappen en op termijn een departement op te heffen. Met deze bijdrage, en de openbare bekendstelling van de inhoud van de brief, roep ik alle instituties en lezers op die het Afrikaans genegen zijn te protesteren tegen het drastisch besluit van het universiteitsbestuur in Grahamstad.

Buro: NM
  • 0
Top