Breyten schrijven #1: 'Altyd Breyten'. Breytenbach’s dream en de Afrikaanse poëzie

  • 0

El cant dels ocells

Al veure despuntar
el major lluminar
en la nit més ditxosa,
els ocellets cantant,
a festejar-lo van
amb sa veu melindrosa.

September 2025 wordt in Kaapstad de laureaat bekend gemaakt van de eerste poëzieprijs genoemd naar Breyten Breytenbach (1939-2024). Ter gelegenheid van de uitreiking van de kykNET-Rapportprijzen wordt voortaan een dichtbundel bekroond met een poëzieprijs die verwijst naar de vorig jaar overleden “woordsmid” van de Afrikaanse poëzie. In het overlijdensbericht, door Kerneels Breytenbach namens de familie verspreid op de dag van het overlijden (24 november 2024), is sprake van

a celebrated South African wordsmith – a poet, novelist, painter, and activist, whose work profoundly shaped literature and the arts both locally and abroad. Known for his masterful literary creations such as The True Confessions of an Albino Terrorist and A Season in Paradise, he fearlessly addressed themes of exile, identity, and justice.

Vanaf Pampoendag, verwijzend naar de geboortedag van Woordfoël op 16 september, wordt de onderscheiding jaarlijks toegekend aan een oorspronkelijk dichtwerk in het Afrikaans. Op die manier brengt de prijs hulde aan Breytenbach en diens liefde voor het Afrikaans. Sinds de jaren zestig, met het debuut Die ysterkoei moet sweet (1964), tot de laatste bundel waaraan de schrijver werkte met de titel In die fragmentarium, voorlopig nog onuitgegeven (https://www.litnet.co.za/in-die-fragmentarium-1/), zijn Breytenbachs poëzie en (beschouwend) proza niet minder dan een baken voor de Afrikaanse letteren. Het prijzengeld is substantieel naar Zuid-Afrikaanse normen, maar liefst 200.000 Rand (€10.000) voor de laureaat.

Het Fonds Breyten Breytenbach, met Kerneels Breytenbach als exécuteur testamentaire, heeft nog tijdens het leven van Breytenbach voornemens gemaakt om een literaire prijs tot stand te brengen. In de loop van augustus 2024 is in mailcorrespondentie met een paar getrouwen van de schrijver overlegd over de oprichting van een Frans Fonds de dotation en een vergelijkbare Zuid-Afrikaanse Foundation waarbij Breyten en Yolande zelf bijzonder actief betrokken waren, waarover uitgebreid is van gedachten gewisseld. De voornemens die zes maanden na de dood van de schrijver/schilder gerealiseerd worden, zijn alle in overleg met Breytenbach tot stand gekomen. Op aanraden van J.M. Coetzee, thans betrokken bij een Engelstalige anthologie uit Breytenbachs poëzie, werd een begin gemaakt met een plan “supporting Afrikaans creativity such as translations of Afrikaans writing to take it beyond our borders” (geciteerd uit een e-mail van Yolande Breytenbach). Met de schenking van het huis Can Ocells, gelegen in de omgeving van Girona in Catalonië, worden later schrijversresidenties gefinancierd. Inspirerend voor de auteursverblijven is de Jakes Gerwel-schrijfresidentie in Somerset-Oos. Het atelier van de schilder Breytenbach, waar hij sinds zijn vrijlating in 1982 geregeld verbleef, kijkt uit over een paradijselijk landschap. De woning wordt omgeven door een prachtige tuin, een hectare groot, met fruitbomen. ‘El cant dels ocells’ is Catalaans voor ‘The Song of the Birds’, zoals Breytenbach zelf heft opgetekend in The Middle World Quartet. Het citaat waarmee deze bijdrage opent, is de openingsstrofe van een Catalaans Kerstmislied (in Engelse vertaling: “In seeing emerge / the greatest light / during the most celebrated of nights, / the little birds sing. / They go to celebrate Him / with their delicate voices”).

De erven Breytenbach regelen op dit moment de literaire en schilderkunstige nalatenschap. Een van Breytenbachs bekommernissen, een paar maanden voor zijn dood nog eens nadrukkelijk verwoord, betrof trouwens het voortbestaan van het Breytenbachsentrum als gemeenschapsplek in Wellington.

Breyten’s Dream

De Breytenbachprijs is een onderdeel, zo luidt de persmededeling, van de jaarlijkse kykNET-Rapportprijzen. Het dichtwerk dat telkenjare zal worden bekroond is in het voorafgaande kalenderjaar uitgegeven. Het gaat over een oorspronkelijke dichtbundel die de Afrikaanse poëzieschat verrijkt en die vooral de inclusiviteit van de Afrikaanse literatuur voor het voetlicht brengt. Breytenbach heeft meermaals over het Afrikaans lezingen aangeboden en essays gepubliceerd. Wanneer het beschouwend proza wordt overschouwd, is duidelijk dat zijn houding tegenover het Afrikaans in de loop der jaren is gewijzigd. Enige tijd schreef hij, zoals bekend, uitsluitend in het Engels en hij sprak over “Apartaans”, de manier waarop de apartheidsregering misbruik maakte van het Afrikaans als instrument voor raciale onderdrukking. Na de apartheidsjaren heeft hij geleidelijk op het publieke forum meer proactief een lans gebroken voor het Afrikaans – soms op activistische wijze. Er is een proefschrift te schrijven over de vigerende taalopvattingen van Breytenbach aan de hand van expliciete uitspraken en deelname aan discussies. Ook aan de Universiteit Gent, waar de schrijver meermaals optrad, heeft hij zijn liefde voor de taal beleden, altijd op een kritische wijze en met zin voor nuance. Hij sprak over het Afrikaans als een “bastertaal”, een creoolse taal. In mijn recente tweespraak met Tom Lanoye op Voertaal stelt de Belgische schrijver dat in principe iedere taal een bastaardtaal is en dus voortdurend invloeden ondergaat. Wie zich beroept op een “zuivere” taal, omarmt een exclusieve ideologie en misbruikt de taal om een behoudsgezinde politieke en etnisch-culturele overtuiging gestalte te geven. Een pleidooi voor zuiverheid verraadt inderdaad een verdacht standpunt over etnische, culturele en raciale kwesties.

Met de prestigerijke Breytenbach-poëzieprijs wordt niet alleen een eerbetoon gebracht aan de grootmeester van het Afrikaans, een taalontginner die de grenzen van het traditionele Afrikaans heeft opengebroken, die de taal met zijn idiosyncratische of idiomatische uitdrukkingen heeft verrijkt, met neologismen en nieuwe woordsamenstellingen uitgebreid. Taal is geen neutraal instrument of een waardenvrij medium voor communicatie. Taal is tegelijk ideologie en geeft gestalte aan identiteit en existentie. Breytenbach was zich hiervan maar al te goed bewust en heeft in zijn essayistische proza nadrukkelijk de band van taal en ideologie aangehaald.

Yolande Breytenbach is een paar weken geleden ter gelegenheid van de bekendmaking van de prijs gevraagd naar de waarde van een “Award” met betrekking tot het Afrikaans en de dichtkunst. Wat zij in het vraaggesprek naar voren haalt, is vooraf doorgesproken met haar echtgenoot. In samenspraak met Breyten is in augustus 2024 het idee gegroeid om een prestigieuze onderscheiding in het leven te roepen voor de Afrikaanse literatuur. Aanvankelijk was nog sprake van teksten in diverse genres. Er is toen ook al nagedacht over de samenstelling van een prijscomité. In de persoonlijke berichten is gesteld dat “the aim of the project is to create an Award to promote Afrikaans literature, be it novel, poetry, essay, history, biography, playwright, songwriting, music, videos… privileging Afrikaner culture”. Ik ben verheugd dat postuum die uitdrukkelijke wens van Breytenbach uiteindelijk in vervulling gaat dankzij de steun van velen: de erfgenamen van Breytenbach, de vriendenkring en ook (media)organisaties in Zuid-Afrika.

Ik haal aan uit een persbericht overgenomen op LitNet:

In ’n tyd van beduidende kulturele en demografiese verandering vier hierdie inisiatief nie net individuele prestasie nie, maar versterk en inspireer dit ook die kreatiewe gees van Afrikaanse poësie. Ek [Yolande Breytenbach] is innig dankbaar dat sy naam met so ’n betekenisvolle gebaar geassosieer word – een wat die blywende betekenis van sy en ander se bydraes tot die taal en sy letterkunde bevestig.

In de mededeling namens kykNET-Rapport stelt Hettie Scholtz, organisator van de Breytenbachprijs: “Dit moet vir elke digter in Afrikaans ’n riem onder die hart wees. Ek sien klaar hoe die genre gaan blom”. (https://www.litnet.co.za/persverklaring-groot-poesieprys-ter-ere-van-breyten-breytenbach/).  

Recent is De ontdekking van het eiland. breytenbachiana (2025) uitgegeven. Met Breyvier. Over taal, burgerschap en Breytenbach (2023), het eerste werkschrift met Breytenbach-kronieken, flankeert het essayboek de academische opstellenbundel Kwintet. Literaire dialogen tussen Afrikaans en Nederlands (2023). Tijdens de Veldsoirée Etienne van Heerden (Nxuba/Cradock) zal de auteur Yves T’Sjoen samen met Alwyn Roux en Izak de Vries spreken over het Breytenbach-drieluik. De Breytenbach-kronieken die de komende tijd op Voertaal verschijnen, zijn in de lijn van de dichtbundel Die na-dood (2016) naschriften, de neerslag van “Breyten schrijven”.

Lees ook:

Durende waardering en wedersydse betrokkenheid kenmerk Breytenbach se bande met Lae Lande

Tweespraak van Yves T’Sjoen en Tom Lanoye #2: “Ik vind Antjie Krog al jarenlang Nobelprijs-waardig”

  • 0
Verified by MonsterInsights
Top