De arrogantie van de macht

  • 0

Als je als burger een bonnetje kwijt bent, heb je een groot probleem. Overheidsorganisaties kunnen in zo’n geval genadeloos zijn. Maar als de overheid zelf een keer een bonnetje kwijt is – of dik 5 miljard aan bonnetjes – wordt de kritiek weggewuifd en gaat men over tot de orde van de dag.  

De derde woensdag in mei staat in Nederlandse politieke kringen bekend als “Verantwoordingsdag”. Op deze dag komt de minister van Financiën – in dit geval demissionair minister Wopke Hoekstra – naar de Tweede Kamer om namens het kabinet het financieel jaarverslag te presenteren. Zoals te verwachten was, is er van alle mooie plannen die de regering op Prinsjesdag 2019 had aangekondigd door de coronacrisis weinig terechtgekomen. Daar was bij de leden van de Tweede Kamer dan ook best begrip voor.

Maar bij de traditie van Verantwoordingsdag hoort ook een toespraak door de voorzitter van de Algemene Rekenkamer over het financiële beleid van het kabinet in het afgelopen jaar. En coronacrisis of niet, het oordeel van de Algemene Rekenkamer was niet mals! Volgens voorzitter Arno Visser heeft de Nederlandse regering in het “bijzondere jaar” 2020 maar liefst 9,1 miljard euro onrechtmatig uitgegeven.

De grootste fouten werden gemaakt bij het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Dat gaf in 2020 maar liefst 5,1 miljard euro onrechtmatig uit. Hugo de Jonge, de verantwoordelijke minister, verdedigde de handelwijze van zijn ministerie door erop te wijzen dat de coronacrisis het nodig maakte om snel en doeltreffend op te treden. Als er bijvoorbeeld beademingsapparatuur gekocht moest worden omdat de ziekenhuizen overspoeld werden door coronapatiënten, ging je natuurlijk niet op de prijs letten of kijken of het bonnetje er wel bij zat, vindt De Jonge.

Volgens de Algemene Rekenkamer heeft het ministerie twee verschillende fouten gemaakt. Ten eerste was de boekhouding uiterst onzorgvuldig. Daardoor valt niet meer te achterhalen of alle bestelde apparatuur, mondkapjes en coronatesten wel geleverd zijn, wat ze precies gekost hebben en wat er vervolgens mee is gebeurd. Er moeten bijvoorbeeld nog miljoenen mondkapjes over zijn waar veel te veel voor is betaald en die nu ergens in een opslag liggen te verstoffen.

Ten tweede heeft het ministerie niet alleen de Tweede Kamer niet vooraf om toestemming gevraagd voor al die extra uitgaven; daar was natuurlijk vaak geen tijd voor. Ernstiger is dat het ministerie de Kamer hier ook achteraf niet over heeft geïnformeerd. Daardoor kon de Tweede Kamer zijn toezichthoudende taak niet goed uitoefenen. Dan komt het functioneren van de democratie in het gedrang.

Plenaire zaal van de Nederlandse Tweede Kamer in Den Haag, via Wikimedia Commons (Foto: Husky [CC BY 4.0])

Stichting Open Nederland

Een verbijsterend voorbeeld van het gemak waarmee de regering – en met name minister De Jonge van Volksgezondheid – zich beriep op het adagium “nood breekt wet” is de gang van zaken rond de zogenaamde “fieldlabs”.

Half april maakte nieuwswebsite Follow the Money bekend dat de overheid 925 miljoen euro (bijna een miljard!) had betaald aan een nieuwe stichting die een infrastructuur van sneltesten moest opzetten, eerst bij zogenaamde “fieldlabs” (proefevenementen waar geëxperimenteerd werd met de coronaregels) en daarna ook bij echte evenementen zoals festivals, congressen en sportwedstrijden.

Waarom een totaal onbekende stichting, Stichting Open Nederland, het vertrouwen van de regering heeft gekregen om zo’n enorm bedrag te beheren, is onduidelijk. Op het moment dat Follow the Money met dit nieuws kwam, had de stichting nog geen raad van toezicht en was er in de statuten niets te vinden over transparantie of verantwoording. Er gingen geruchten dat Open Nederland een veel te hoge prijs betaalde voor de sneltesten. Wie profiteerde daarvan? Ook zette het kwaad bloed dat de er geen openbare aanbesteding had plaatsgevonden, in elk geval niet in het begin. Het leek erop alsof de stichting met slechts één testbedrijf in zee ging en dat andere testbedrijven het nakijken hadden.

Opnieuw beriep het ministerie van Volksgezondheid zich op de “spoed” waarmee een en ander geregeld was. Maar ook in dit geval werd de Tweede Kamer niet van tevoren geraadpleegd en was het aan de onderzoeksjournalisten van Follow the Money te danken dat de parlementariërs überhaupt van die investering van 925 miljoen euro te weten kwamen.

Op 22 mei kwam dezelfde website opnieuw met een tenenkrommend verhaal, dit keer over een bekende partijgenoot van Hugo de Jonge die samen met twee zakenpartners in 2020 in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid voor ruim 100 miljoen euro mondkapjes uit China had geïmporteerd. Destijds werd de indruk gewekt dat hij dit deed zonder er zelf iets aan te verdienen, uit de goedheid van zijn hart. Nu blijkt dat het drietal er mogelijk tot 30 miljoen euro mee opgestreken heeft.

Cultuur “niet van essentieel belang”?

Inmiddels gaat de Nederlandse samenleving stapsgewijs elke keer een stukje verder open. Eerst waren alleen de essentiële winkels open. Daarna mochten ook de niet-noodzakelijke winkels weer open, wat onmiddellijk leidde tot lange rijen voor de Action en de Primark en tot grote drukte bij de tuincentra en de meubelboulevards. Restaurants mogen hun gasten vooralsnog alleen op het terras ontvangen. Sinds kort zijn ook de sportscholen weer open en mogen sekswerkers hun vak weer uitoefenen.

Na stevige kritiek vanuit de Tweede Kamer werd te elfder ure besloten dat ook de bibliotheken in deze fase weer open mochten. Alleen musea, theaters en concertzalen blijven voorlopig dicht. In dit opzicht loopt Nederland achter bij de omringende landen, waar deze instellingen al eerder zijn opengegaan. De Jonge schokte veel cultuurliefhebbers met uitspraken als dat we best wel een dagje zonder museum konden en dat je in plaats van naar het theater te gaan net zo goed thuis een mooie dvd kon opzetten.

De culturele sector heeft verontwaardigd en gekwetst op de uitspraken van de minister gereageerd. In een gepassioneerd pleidooi in het tv-programma Buitenhof prees Ann Demeester, directeur van het Frans Halsmuseum in Haarlem, in reactie op zijn uitspraken, cultuur aan als “seks voor de geest”.

Een column van P.C. Hooftprijs-winnaar Maxim Februari in NRC Handelsblad heeft De Jonge uiteindelijk aan het denken gezet. Volgens Februari wordt er nu in de tijdelijke wet over toegangstesten vastgelegd dat cultuur “niet-essentieel” zou zijn.

Tijdens de bespreking van de tijdelijke wet in de Eerste Kamer op dinsdag 25 mei erkende De Jonge dat het “ongelukkig” was dat de cultuursector hierin “niet-essentieel” wordt genoemd. “Natuurlijk is cultuur essentieel, we kunnen niet zonder culturele uitingen”, verklaarde de minister. Hij verbond er echter geen consequenties aan. De wet werd zonder wijziging op dit punt aangenomen. De hoop is dat de wet over een paar maanden vanzelf overbodig wordt als er voldoende mensen gevaccineerd zijn en het gevaar voor corona is afgenomen.

De burger verdient beter

Tijdens de presentatie van het jaarverslag van de Algemene Rekenkamer op Verantwoordingsdag – een dag waar ook wel naar wordt verwezen als “gehaktdag” –  liet de voorzitter van de Algemene Rekenkamer, Arno Visser, doorschemeren dat de Nederlandse regering en specifiek het demissionaire kabinet-Rutte III, zich doorgaans weinig aantrekt van kritische opmerkingen van de kant van de Algemene Rekenkamer.

Een week eerder was de Nationale ombudsman, Reinier van Zutphen, al tot een soortgelijke conclusie gekomen toen hij het jaarverslag 2020 van de Nationale ombudsman, de Kinderombudsman en de Veteranenombudsman aan de Tweede Kamer aanbood. Dit verslag had de veelzeggende titel De burger verdient beter. Volgens Van Zutphen is de burger de afgelopen tijd “tekortgekomen” als hij de overheid nodig had. Het leek wel alsof de overheid haar eigen burgers niet vertrouwde. Andersom is de burger het vertrouwen in de overheid kwijtgeraakt. Dit kan alleen opgelost worden als het menselijk contact in de omgang tussen burger en overheid hersteld wordt. Tegelijk constateert Van Zutphen dat de politiek zich te weinig aantrok van de aanbevelingen uit al die mooie onderzoeksverslagen van de Nationale ombudsman en zijn collega’s. Hij is dan ook van plan om de regering vaker aan die aanbevelingen te herinneren en om vaker naar de Tweede Kamer te komen om zijn bevindingen toe te lichten.

En hoe staat het met de formatie?

Ruim twee maanden na de verkiezingen heeft Nederland – ondanks de coronacrisis en alle andere kwesties die dringend aandacht vereisen – nog steeds geen nieuwe regering. 

Op 30 april heeft informateur Tjeenk Willink zijn eindverslag ingediend. Uit de gesprekken met de fractievoorzitters en met andere rolspelers kwamen als belangrijkste aandachtspunten naar voren: geen dichtgetimmerd regeerakkoord, een andere bestuursstijl (meer dualisme tussen regering en Kamer ofwel “macht en tegenmacht”) en herstel van vertrouwen tussen de partijen. Een manier om het vertrouwen te herstellen zou kunnen zijn het even niet te hebben over “de poppetjes” en “wie met wie”, maar over een gezamenlijke aanpak van grote problemen, te beginnen met de wederopbouw na de coronacrisis.

Op 12 mei werd Mariëtte Hamer, oud-fractieleider van de PvdA in de Tweede Kamer en sinds 2014 voorzitter van de Sociaal Economische Raad, aangewezen als formateur. Zij heeft tot 6 juni de tijd om te proberen een nieuwe coalitie tot stand te brengen. Het meest voor de hand liggend lijkt op dit moment een combinatie van VVD, D66 en CDA met PvdA en GroenLinks. Maar VVD (bij de verkiezingen nog de grote winnaar) en CDA zullen weinig zin hebben in een kabinet met twee linkse partijen. De formatie is dan ook beslist nog geen gelopen race.

Burn-out

Overigens maakte CDA-Kamerlid Pieter Omtzigt, die een doorslaggevende rol speelde bij het blootleggen van de misstanden in de toeslagenaffaire en die de laatste weken telkens genoemd werd als belangrijke factor bij de kabinetsformatie, maandag bekend dat het herstel van zijn burn-out niet zo snel gaat als hij zou willen en dat hij zich de komende vier maanden als Kamerlid zal laten vervangen. Een begrijpelijke keuze. Het feit dat hij sinds het uitlekken van de nota “Pieter Omtzigt, functie elders” in maart steeds object is gebleven van speculaties, heiligverklaringen en fluistercampagnes, zal ongetwijfeld niet bevorderlijk zijn geweest voor zijn herstel.

Op dezelfde dag werd bekend dat ook demissionair minister van Economische Zaken en Klimaat Bas van ’t Wout zijn werk tijdelijk neerlegt vanwege een burn-out. Minister Stef Blok van Buitenlandse Zaken zal de taken van Van ’t Wout overnemen. De taken van Blok worden overgenomen door Sigrid Kaag, die ook al minister voor Buitenlandse Handel is. VVD-Kamerlid Dilan Yesilgöz is beëdigd als nieuwe staatssecretaris op het ministerie van Economische Zaken en Klimaat; zij zal zich gaan bezighouden met de klimaat- en energieportefeuille.

Kamervoorzitter Vera Bergkamp heeft aangegeven dat ze zich zorgen maakt over de zware werkdruk, zowel voor Kamerleden als voor leden van het kabinet. Omtzigt en Van ’t Wout zijn niet de eersten of de enigen die momenteel overwerkt thuis zitten. Ze wil hierover in gesprek gaan met zowel de fractieleiders als met (demissionair) minister-president Mark Rutte.

Lees ook:

Nederlands nieuws: Koningsdag, versoepeling en gelekte notulen

Donkere wolken boven het Binnenhof

Nederland maakt opnieuw een zwaai naar rechts

Die geweld in Nederland – ’n Suid-Afrikaner probeer verstaan

Buro: IG
  • 0
Top