Taal en zorg: een wereldwijd probleem

  • 0

Op 23 juni 2021 werd in Nederland de ZorgvoorZorgPrijs uitgereikt door de Taalunie. Een initiatief passend in het beleidstraject Taal en Zorg om de begrijpelijkheid van medische begrippen en taal te vergroten en zo de zorg voor iedereen toegankelijker te maken. Uit 18 initiatieven van organisaties uit Nederland en Vlaanderen werd een winnaar gekozen: Indiveo uit Leeuwarden. Zij verpakken medische informatie in animatiefilmpjes die patiënten informeren over komende onderzoeken, ziektebeelden en behandelingen.

Dat er in landen als Nederland en België met slechts enkele officiële talen al zoveel initiatieven zijn om de taal in de zorg te verbeteren, doet de vraag rijzen hoe het in een land met veel meer officiële talen staat met dit probleem. Want hoe is de situatie rondom taal en zorg in Zuid-Afrika, een land met maar liefst elf officiële talen? In de ‘National Department of Health Language Policy’ van Zuid-Afrika wordt er op basis van taalgebruik, praktische uitvoerbaarheid, kosten, regionale omstandigheden en het evenwicht tussen de behoeften en voorkeuren van het publiek gekozen om voor de algemene communicatie te focussen op isiZulu, Sesotho sa Leboa en het Engels. Het valt op dat het Afrikaans, als één van de meest gesproken talen, hierbij ontbreekt. Bij gesproken communicatie, publieke bijeenkomsten en educatief materiaal wordt er wel weer voor gekozen om alle elf talen te gebruiken. [1]

...
Ik ken persoonlijk mensen die op de Cape Flats wonen en die zeer weinig Engels spreken. Voor hen is het niet mogelijk om bijvoorbeeld verschillende soorten pijn te beschrijven of te weten wat woorden als nier of lever betekenen.
...

Christine Fourie heeft cursussen ontwikkeld en gegeven rondom zorg in de Kaap en heeft haar PhD gehaald rondom dit onderwerp aan de Universiteit van Antwerpen, waardoor zij goed op de hoogte is van de situatie in Zuid-Afrika, voornamelijk in de West-Kaap. Sinds april 2021 is zij betrokken als projectmanager bij een proefproject waarbij een privékliniek opgezet wordt in Kayamandi, een Xhosa-sprekende gemeenschap buiten Stellenbosch waar 40.000 mensen wonen maar slechts één kliniek is.

De National Department of Health heeft het beleid rondom taal beschreven, maar hoe gaat het er daadwerkelijk aan toe in de praktijk?

In mijn ervaring is de taal die het meest gebruikt wordt in de zorg het Engels. De meeste mensen in de dichtbevolkte meer stedelijke gebieden spreken Engels. Het wordt echter een probleem en de gezondheidszorg komt in het gedrang in de meer landelijke gebieden. Hier spreken de mensen geen Engels of beheersen het Engels maar beperkt, terwijl het zorgpersoneel het Engels gebruikt en de taal van de patiënt niet kan spreken. Zelfs in de stedelijke gebieden zijn er gezinnen en gemeenschappen die geen Engels spreken. Ik ken persoonlijk mensen die op de Cape Flats wonen en die zeer weinig Engels spreken. Voor hen is het niet mogelijk om bijvoorbeeld verschillende soorten pijn te beschrijven of te weten wat woorden als nier of lever betekenen.

Zelfs als de patiënten Engels begrijpen, is het soms erg moeilijk voor hen om het specifieke Engelse accent (dat beïnvloed wordt door talen als het Xhosa of Zulu) van de arts of verpleegkundige te begrijpen. Dit is mijn moeder bijvoorbeeld vele malen overkomen, maar ik weet van veel meer incidenten af. Afhankelijk van de dynamiek en de communicatieve vaardigheden tussen de arts/verpleegkundige en de patiënt kan dit gebrek aan begrip leiden tot irritatie, ongeduld en een gebrek aan vertrouwen aan beide kanten. Hierdoor komt de empathie die de patiënt nodig heeft van de arts/verpleegkundige in het gedrang.

Een ander belangrijk probleem is de culturele verschillen en stereotypen die verband houden met de verschillende talen in het land. Een algemene grap of informeel gezegde in de ene cultuur kan beledigend zijn in een andere cultuur. Bijvoorbeeld: verwijzen naar iemand die lekker dik is (lekker vet) kan een teken zijn van een warme, vriendelijke en persoonlijke benadering in Xhosa, maar kan voor een Afrikaanssprekende volwassene aanstootgevend zijn.

Is dit probleem er altijd al geweest of is dit juist in de laatste jaren pas een probleem geworden?

Het gebrek aan een efficiënte communicatie tussen dokters en patiënten als gevolg van het meertalige karakter van het land is altijd al een probleem geweest. Maar doordat ambtenaren en het publiek zich er nu meer van bewust worden, leeft het probleem nu meer.

Bij wie ligt het taalprobleem? De dokter of de patiënt?

Het taal- en communicatieprobleem moet naar mijn mening worden opgelost door de gezondheidsambtenaar. Het is niet het probleem van de patiënt als hij of zij geen Engels kan verstaan. Er zijn zorgmedewerkers die op een intuïtieve wijze taal- en cultuurbarrières overbruggen door gebruik te maken van een combinatie van verschillende strategieën zoals het codeswitching tussen talen en het gebruik van lichaamstaal of tekeningen. Maar volgens mij doet de meerderheid van de zorgmedewerkers geen van deze extra inspanningen om te communiceren met een patiënt met wie zij de taal niet gemeen hebben.

Wat wordt er nu door de overheid gedaan om het taalprobleem in de zorg op te lossen?

De overheid probeert ondersteuning te ontwikkelen voor ambtenaren in de gezondheidszorg. Een voorbeeld hiervan is de AwezaMed app. Deze app is ontwikkeld om iedereen in elke officiële taal van Zuid-Afrika te voorzien van informatie op het gebied van zorg en Covid-19. Zo heeft de app een database met meer dan 1800 vragen en uitleg, kunnen Engelse zinnen handmatig of via automatische spraakherkenning vertaald worden in elke officiële taal van Zuid-Afrika.

Een hele goede ontwikkeling, maar er zijn vaak problemen met de app. Zo kan het dat de app niet werkt op de telefoon van de verpleegkundige/arts of de persoon is niet opgeleid om de app te gebruiken en heeft hij/zij geen tijd om het zelf uit te zoeken.

Wat zou volgens u een eventuele oplossing zijn?

Mijn suggestie voor een oplossing zou zijn dat de communicatietraining voor verpleegkundigen en artsen niet alleen een korte cursus in het eerste jaar van de opleiding zou moeten zijn, maar juist een doorlopende cursus tijdens de hele studie van 4 – 6 jaar. Op deze manier kunnen verschillende aspecten van de communicatie – zowel taalkundig als cultureel – aan bod komen naarmate de studenten steeds meer kennis en ervaring opdoen met zowel de inhoud van de cursus als tijdens praktijkervaring met patiënten.

[1] https://static.pmg.org.za/150527healthlanguagepolicy.pdf

Lees ook:

Masakhane leads the way for low-resourced African languages online

Help, we moeten weer naar kantoor!

In vertaling verlore? In vertaling gevind?

  • 0
Top